Den Haag | Regering pakt woningmarkt aan

Om de crisis op de woningmarkt aan te pakken, trekt het kabinet een miljard euro uit waarmee nieuwbouwprojecten gesubsidieerd kunnen worden.

Ook gaat er opgeteld een miljard euro naar de woningcorporaties om hen te stimuleren meer huizen te bouwen. Dat maakt het kabinet op Prinsjesdag bekend, zo bevestigen Haagse bronnen. In de coalitie wordt gesproken over een ‘stille ramp op de woningmarkt’. Door krapte,
vooral in de steden, komen starters en mensen met een middeninkomen amper aan een betaalbaar huis. Minister Kajsa Ollongren (Wonen) wil dat er jaarlijks 75.000 huizen worden bijgebouwd, maar dat aantal wordt nu niet gehaald. 

Daarom heeft de coalitie tijdens de begrotingsonderhandelingen afgesproken dat er een bouwfonds komt met daarin maximaal een miljard euro. Gemeenten kunnen een beroep doen op het fonds om lokale nieuwbouwprojecten rendabel te maken. Vroeger waren er al vergelijkbare rijkssubsidies, bijvoorbeeld om de bouw van Vinex-wijken van de grond te krijgen.

Verder kunnen woningcorporaties de komende tien jaar een belastingkorting van gemiddeld 100 miljoen euro per jaar krijgen als zij overgaan tot nieuwbouw. De corporaties betalen – tot hun grote ergernis – nu jaarlijks zo’n 1,7 miljard euro aan verhuurdersheffing. De roep vanuit de corporaties om die belasting te korten, klinkt al jaren.

Het blijft waarschijnlijk niet alleen bij maatregelen om nieuwbouw te stimuleren. Zo overweegt het kabinet de overdrachtsbelasting voor starters te schrappen. Dat scheelt bij de aankoop van een huis 2 procent van de koopsom. Beleggers zouden juist meer overdrachtsbelasting moeten betalen.

Volgens de Volkskrant is staatssecretaris Menno Snel (Financiën) sceptisch over de uitvoerbaarheid van dit plan. Op dit moment wordt onderzocht of aanpassing van de overdrachtsbelasting haalbaar is. Daarover is op Prinsjesdag waarschijnlijk nog geen duidelijkheid.

Verder is ook onduidelijk of het kabinet verder gaat morrelen aan de hypotheekrenteaftrek. In de coalitie zou een scenario zijn besproken waarbij de hypotheekrenteaftrek wordt afgebouwd tot 0 procent in 2036. In een andere variant zakt de aftrek tot niet verder dan 30 procent.