DRACHTSTERCOMPAGNIE | Pachter dubt over terugkeer woonwagens

Op het oude woonwagenkamp bij Drachtstercompagnie ziet pachter Johan van der Ploeg een vakantieparkje voor zich. Valt dat te rijmen met de terugkeer van de voormalige bewoners?

Op het zompige gras grazen drie paarden. Van achter een loods komen drie nieuwsgierige schapen op het bezoek af. Uit een van de vervallen gebouwtjes steekt de kop van een zwarte geit. Het dier hinkt. ,,Hij heeft jicht”, weet Johan van der Ploeg. Hij verzorgt de geit, maar weet niet wie de eigenaar is – of was. ,,Toen ik hier kwam, was dat beest hier al.”
Het krot waar de geit in schuilt was ooit een keurig betegeld sanitairgebouwtje. Zo staan er nog tien in het gelid op het rechthoekige terrein.
Ooit, een jaar of dertig geleden, maakten van elk huisje twee woonwagenfamilies gebruik. Nu zijn de wc’s volgestort met puin en woekert klimop over de daken. Het heeft het visioen van Van der Ploeg, die de grond sinds 2014 met een compagnon pacht, niet aangetast.
Hij ziet het voormalige woonwagenkamp als de perfecte locatie voor een vakantiestek voor paardenbezitters. ,,Een stuk of acht houten chalets, met een weide voor de paarden en ruimte voor trailers. En de omgeving hier is ideaal om een stukje te rijden.”

Maar de woonwagenbewoners in de gemeente zijn het oude kamp nooit vergeten. Een deel wil weer terug, en als dat aan Smallingerland ligt, moet dat op niet al te lange termijn ook kunnen. De gemeenteraad wil dat het college snel op zoek gaat naar locaties voor nieuwe standplaatsen. Daarbij gooit Drachtstercompagnie hoge ogen, omdat het kamp volgens burgemeester en wethouders snel weer geschikt kan worden gemaakt.
Volgens de pachter valt dat nog maar te bezien. ,,Ze denken dat het klaar is met een schop in de grond.” Hij loopt naar een verhoogde wal achter de sanitairhokjes. ,,Daaronder ligt nog allemaal puin. Containers vol heb ik hier afgevoerd. En nog steeds vind ik overal oude autoonderdelen.” En dan is er nog het onzichtbare vuil onder de grond. Her en der steken peilbuizen uit de grond, waarmee bodemexperts grondwatermonsters kunnen nemen. Van der Ploeg liet al een deel van de grond saneren, op eigen kosten. Maar zeker op het afgesloten terrein waar een van de woonwagenbewoners ooit een autobedrijf bestierde, is zit nog veel troep.

,,We hebben meermalen tegen de gemeente gezegd dat we de grond wel willen overnemen, inclusief de overige saneringskosten.” Maar een antwoord heeft de pachter naar eigen zeggen nooit gekregen. Boos was Van der Ploeg, toen protesterende woonwagenbewoners in
oktober het hek open knipten en buiten hem om een bezettingsactie begonnen. Hij voelde zich ,,overrompeld” toen de gemeente het oude kamp weer op de lijst zette voor mogelijke woonwagenstandplaatsen. Als pachter werd hem niets verteld. 

,,Begrijp me goed, ik heb persoonlijk niets tegen de woonwagenbewoners. En wie zijn wij om te bepalen dat die mensen niet mogen terugkeren. Maar in het begin van die bezetting was het hier een bende. Er werd vuil verbrand, bierflesjes slingerden rond.” Maar na overleg ging het beter. En hoewel Van der Ploeg zich niet kan voorstellen dat een deel van de woonwagenbewoners definitief terug zou willen – ,,in het dorp heb je geen voorzieningen meer” – is hij niet per se tegen terugkeer. ,,Alleen niet in op zo’n grote schaal als vroeger.” Een handvol woonwagens zou ook wel te combineren zijn met zijn gedroomde vakantiepark. ,,De woonwagens aan de ene kant van het centrale veld, de vakantiehuisjes aan de andere kant”, fantaseert de pachter hardop. Het zou een bewijs zijn dat ,,de burgermaatschappij en de woonwagenbewoners het zelf kunnen regelen”, zegt hij.

Zelf zou Van der Ploeg het onderhoud en beheer wel op zich willen nemen. Eigenlijk is hij wel blij dat er door de woonwagenkwestie nu in elk geval weer wordt nagedacht over de toekomst van het terrein. Hij aait zijn paarden. Twee keer per dag komt Van der Ploeg de dieren verzorgen. Tussendoor ruimt hij op, geniet van de natuur. ,,Elk jaar worden hier in de bomenrand reekalveren geboren.” Wat er ook gebeurt met het kampterrein, hij laat zich niet wegsturen. ,,Volgens mij willen ze dat ik met stille trom vertrek. Dat ga ik niet doen.” ‘In het begin van die bezetting was het hier een bende’ 

Vijf bewoners willen terug 

Zo’n dertig woonwagenbewoners en –gezinnen in Smallingerland hebben behoefte aan  een eigen standplaats. Dat zegt Antionio Corpier, woordvoerder namens de  woonwagengemeenschap. ,,Zes kiezen echt voor Drachten, vier à vijf willen terug naar Drachtstercompagnie.” De rest heeft vooral behoefte aan een eigen plek en geen sterke voorkeur voor een locatie. De gemeente heeft ,,inderdaad een plan” gekregen Van der Ploeg voor een vakantieparkje, maar volgens een woordvoerder is dit ,,nog niet beoordeeld”. Voordat besloten  wordt of er weer gewoond kan worden op het oude kamp, moet een wilieukundig onderzoek  plaatsvinden naar bodemvervuiling. ,,Dat is bij de FUMO uitgezet .”