Gedragsaanwijzing voor aanpak woonoverlast

Corporatiemedewerkers zijn positief over de gedragsaanwijzing als middel tegen woonoverlast. Dat blijkt uit onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen (RuG) naar de gedragsaanwijzing. Corporatiemedewerkers vinden het een handig middel, bijvoorbeeld om daarmee een dossier op te bouwen.

Een gedragsaanwijzing is een verbod of gebod voor een gebruiker van een woning die overlast geeft. Bijvoorbeeld een verbod om harde muziek te draaien of een gebod om een hond te muilkorven. Leeft de bewoner de gedragsaanwijzing niet na, dan volgt bijvoorbeeld een dwangsom. Dat moet de overlast voor de buurt verminderen. Woningcorporaties kunnen zo’n aanwijzing vrijwillig met de huurder overeenkomen of laten opleggen door de rechter. Aedes vindt de bestuursrechtelijke gedragsaanwijzing een goede aanvulling op de bestaande instrumenten om woonoverlast aan te pakken.  Voor corporaties is er bovendien de handreiking gedragsaanwijzing.

Het onderzoek toont aan dat de gedragsaanwijzingen bij een breed scala aan problemen inzetbaar zijn. Van verzamelwoede tot geluidsoverlast en van oneigenlijk gebruik van de woning tot overlast van personen met verward gedrag. Een veelgenoemde vorm van overlast is geluidsoverlast. In de praktijk zijn er volgens de onderzoekers nog knelpunten die om oplossingen vragen, bijvoorbeeld hoe om te gaan met handelsonbekwamen, moeizame informatie-uitwisseling met bijvoorbeeld politie en hulpverleners. Toepassing is bovendien nog lastig, omdat het nog niet is opgenomen in de standaardwerkwijze.