Lagere huren door passend toewijzen

Woningcorporaties bieden een groter deel van hun vrijkomende woningen voor een lagere huurprijs aan. Dat blijkt uit de ‘Evaluatie passend toewijzen’ van Platform31 en onderzoeksbureau Rigo.
Om te zorgen dat mensen met een kleine beurs een betaalbare huurwoning krijgen aangeboden, is in januari 2016 beleid voor ‘passend toewijzen’ ingevoerd. In de evaluatie is gekeken naar de effecten van dit beleid.

Vaker betaalbaar voor lage inkomens
Huurders met een laag inkomen hebben een iets kleinere kans op een woning dan voorheen, maar komen wel betaalbaarder terecht. Dat komt omdat corporaties nu een groter deel van hun woningen betaalbaar aanbieden.

Hogere huur voor huurders zonder toeslag
Huurders met een iets hoger inkomen (tot €36.000) zijn gemiddeld juist een hogere huur gaan betalen. Bij pakweg de helft van de corporaties kunnen zij alleen nog reageren op woningen met een huurprijs die voor hun inkomen erg hoog is.

Grote verschillen in toepassen beleid
Uit de evaluatie blijkt ook dat er grote verschillen zijn in hoe corporaties het beleid toepassen. Sommige corporaties kiezen voor 'tweehurenbeleid'. Iedereen mag op dezelfde woning reageren, maar huurders met een laag inkomen betalen een lagere huurprijs. Anderen beperken de keuzevrijheid. Weer anderen kiezen ervoor om alle woningen goedkoper aan te bieden.

Segregatie niet toegenomen
In de evaluatie zijn tevens slaagkansen voor huurders in vier regio's onder de loep genomen. Zowel de groep boven als onder de huurtoeslaggrens behield ongeveer gelijke kansen op toewijzing van een woning. Ook de toegang tot wijken en tot grotere en kwalitatief betere woningen voor lagere inkomens bleef gelijk. Het is dus niet zo dat huurders met een laag inkomen nu in slechtere woningen terecht komen dan voorheen.

Voldoende betaalbare huurwoningen
Is een groot punt van aandacht. Daar kan passend toewijzen wel voor enige verbetering zorgen, maar meer blijft nodig. Bijv. huurverlaging voor iedereen, afschaffen van de verhuurderheffing (een belasting voor corporaties) e.d.

 

Regionale verschillen
Volgens het CBS heeft Amsterdam al jaren de hoogste huurstijging in Nederland, dit jaar 2,5 procent.
Dit komt voor een belangrijk deel door hogere huren bij bewonerswisseling (huurharmonisatie). Zonder bewonerswisseling stegen de huren in Amsterdam met 1,5 procent. Amsterdam zorgt er ook voor dat de huurstijging in Noord-Holland hoog is ten opzichte van de rest van Nederland.

Net als voorgaande jaren heeft Drenthe de laagste huurstijging, 1,1 procent, maar dit jaar deelt Drenthe deze plek met Groningen en Gelderland. Limburg is de enige provincie waar de huren met hetzelfde percentage stegen als vorig jaar: 1,6 procent. In alle andere provincies was de huurstijging dit jaar lager dan vorig jaar.
Friesland heeft hier 1.3% huurstijging, zonder bewonerswisseling is dit gestegen naar 0.9%.  

 

Volgens het huurbeleid mogen de totale huurinkomsten van een corporatie over het kalenderjaar 2017 met niet meer dan 1,3 procent stijgen, dit heet de huursombenadering. Corporaties zitten daar dus onder met 1,1 procent, aldus Aedes.