LEEUWARDEN | Meer woonvariatie in Leeuwarder wijken

Omdat de rente zo laag is, stappen meer beleggers in het vastgoed

Wonen is in de eerste plaats een grondrecht en niet primair een financiële beleggingsmarkt. Dat is het uitgangspunt voor vernieuwingen op de woningmarkt, waaraan dringend behoefte is. In Leeuwarden wordt het steeds moeilijker om een betaalbare woning te kopen omdat particuliere beleggers steeds meer woningen opkopen, vooral in het sociale segment.
Inmiddels staan er in de stad Leeuwarden op dit moment slechts 13 woningen te koop onder de 150.000 euro en slechts 50 onder de 200.000 euro. Dat is minder dan het ooit geweest is. Terwijl we net het productiefste bouwjaar sinds decennia achter de rug hebben. We hebben in 2019 in Leeuwarden ruim 500 reguliere woningen gebouwd en 575 zelfstandige wooneenheden voor studenten. En ook in 2020 wordt er volop gebouwd. Toch is er ook in Leeuwarden schaarste en hebben gewone Leeuwarders moeite een passende betaalbare koopwoning te vinden.

Daar wil ik als wethouder wat aan doen, zoals Klaas Elgersma terecht opmerkt in Te Gast (LC 17 januari). Het meer en meer aankopen van goedkoop vastgoed door particuliere beleggers leidt namelijk tot twee maatschappelijke problemen, waardoor de gewone Leeuwarder steeds meer moeite heeft om een betaalbaar huis te vinden. Omdat de rentestand zo laag is, stappen steeds meer beleggers in het vastgoed. Hierdoor zijn er minder woningen beschikbaar en de woningen die wel beschikbaar zijn, worden snel duurder. Dat maakt dat veel woningzoekenden voortdurend achter het net vissen en gedwongen worden langer te huren bij veelal dezelfde eigenaren. Niet het wonen maar het rendement van de belegger staat dan centraal. Alleen als je een vader als Klaas Elgersma hebt, kun je dan nog een
woning bemachtigen. 

Het tweede probleem: enkele vastgoedeigenaren passen niet goed op hun vastgoed en hun huurders waardoor de leefbaarheid in wijken onder druk komt te staan. De woningen worden slecht onderhouden en steeds meer bewoond door kwetsbare doelgroepen. Zoveel mogelijk huurders in een woning om zoveel mogelijk huur te kunnen vragen, lijkt het devies. En deze woningen staan meestal niet in de duurdere wijken. Met als gevolg dat huurders niet de woonkwaliteit krijgen waar ze recht op hebben en de leefbaarheid van de buurt onder druk komt te staan. We hebben op dit moment maar weinig juridische middelen om hiertegen op te treden.

Om weer grip te krijgen op wonen en op de leefbaarheid van een buurt moeten we niet afhankelijk willen zijn van ‘de woningmarkt’ die ons hier heeft gebracht. Dat vraagt om fundamenteel ander instrumentarium. Mijn Groninger collega Roeland van der Schaaf pleit voor een woonplicht. In andere gemeenten wordt weer grond in erfpacht uitgegeven of maximale huurprijzen in bestemmingsplannen vastgelegd. Ook Leeuwarden moet nieuwe instrumenten durven inzetten. Dat is ook mooie input voor de aanstaande nieuwe volkshuisvestingsvisie, wat mij betreft. Ik wil hiervoor ruimte vragen aan Den Haag.

Na het Grotestedenbeleid, de Vogelaar-aanpak en de ISV-aanpak is er nu helemaal geen rijksbeleid meer op dit vlak. Verder hebben we dringend behoefte aan een vervolg op de stedelijke vernieuwingsaanpak. Ook hier wil ik me in Den Haag sterk voor maken.

In Leeuwarden zullen we daarnaast strenger moeten zijn ten aanzien van het toevoegen van woningen in onze volksbuurten. Wat mij betreft alleen extra woningen als die kwaliteit toevoegen aan de wijk zelf. Vanuit de gedachte van een ongedeelde wijk. Meer variatie in wonen in elke Leeuwarder wijk. Dat betekent meer sociale huur en koop in de nieuwbouwwijken en meer middenhuur of duurdere huur en koop in de volkswijken.

Woningbouwcorporaties zijn door de woningwet qua taken ingeperkt en bovendien geconfronteerd met zware lasten (verhuurdersheffing enzovoort) en gemeenten krijgen veel te weinig geld om de decentralisaties in de zorg uit te voeren. Dat ervaar ik als een recept voor ellende. Om echt wat voor de wijken te kunnen betekenen zouden corporaties weer het vertrouwen moeten krijgen door voor meer
doelgroepen te mogen bouwen, ook middenhuur, zou de verhuurdersheffing terug moeten naar de corporaties of naar een nieuwe vorm van wijkaanpak / stedelijke vernieuwing. De gemeenten moeten voldoende geld krijgen voor de zorgtaken. Dan kunnen we lokaal weer bouwen aan een goed thuis voor iedereen. 


Hein de Haan is wethouder (PvdA) wonen en ruimtelijke ontwikkeling in Leeuwarden