Weinig animo voor gasloos wonen

Bij initiatieven om complete woonwijken van het gas af te halen wordt amper vooruitgang geboekt. Dat concluderen onderzoekers van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB), die waarschuwen dat verduurzamingsdoelen voor Nederlandse huizen waarschijnlijk te ambitieus zijn.
Het EIB keek naar de voortgang van dertien wijken die in 2018 door gemeenten waren aangewezen als ‘proeftuinen’ voor aardgasloos wonen. In negen van die proeftuinen zijn nog altijd geen woningen van het gas gehaald.

Een groot probleem is volgens het EIB het geringe draagvlak in de aangewezen wijken. Bij bewoners bekoelt het enthousiasme voor een ontkoppeling van het gasnet vaak snel, vooral als blijkt dat dit ze zelf geld kost. Maar ook huurders die er niet financieel op achteruit zouden gaan bij een project in Den Haag waren huiverig om in te stemmen met een alternatief voor hun gasaansluiting
Daarnaast gaat een aanpak waarbij direct hele wijken van het aardgas af moeten gepaard met een heel complexe organisatie.

Mede door die trage voortgang zijn de investeringen voor aardgasloze woonwijken hoog. Het EIB rekent met zo’n 40.000 euro aaninvesteringen per woning die van het gas af moet. Het instituut vraagt zich dan ook hardop af of de verduurzaming van Nederlandse woningen collectief moet worden aangepakt. Schaalvoordelen voor de wijkaanpak vallen tegen, terwijl individuele huiseigenaren met subsidies vaak wel te porren zijn om hun huis te isoleren of van een hybride warmtepomp te voorzien.

Het instituut vreest daarbij voor de CO2-reductie van 5,4 megaton tot 2030 die volgens klimaatafspraken voor rekening komt van de Nederlandse woningsector.

 

(FD 08.03.21)